Zorgkosten en zorgmijding: de huidige situatie als referentie
De Nederlandse zorg is verzekerd maar niet kosteloos. In 2026 bedraagt de geschatte gemiddelde nominale premie voor de basisverzekering 1.884 euro per jaar, ongeveer 157 euro per maand (src:2256), en blijft het verplicht eigen risico 385 euro per jaar voor iedere verzekerde van 18 jaar of ouder (src:2255). Die twee bedragen samen vormen een vaste last van ruim 2.200 euro per volwassene per jaar voordat er zorg is gebruikt. Voor huishoudens met weinig marge heeft dat twee zichtbare gevolgen. Het eerste is uitstel: in 2025 gaf 6 procent van de burgers aan te hebben afgezien van ten minste een vorm van zorg vanwege de kosten, tegen 8 procent in 2024 (src:2253). Het tweede is schuld: op 1 oktober 2026 stonden 204.383 verzekeringsplichtigen geregistreerd met een premieschuld van zes of meer maandpremies onder de Regeling betalingsachterstand zorgpremie bij het CAK (src:2254). Dat is geen klein restverschijnsel; het is een structurele groep van ruim twee ton mensen die de toegang tot het stelsel financieel niet volhoudt.
Het Nederlandse zorgstelsel legt een vast bedrag per volwassene neer dat niet meebeweegt met draagkracht. De nominale premie is voor iedereen gelijk en wordt achteraf gedeeltelijk gecompenseerd via de zorgtoeslag, een aparte regeling met eigen aanvraag, eigen voorschotten en eigen terugvorderingen. Het verplicht eigen risico werkt bovendien als een prijs op het eerste zorggebruik van het jaar, en juist die prijs valt het zwaarst voor wie de zorg het hardst nodig heeft, namelijk mensen met een chronische aandoening die het bedrag elk jaar met zekerheid volmaken. Wie de premie niet betaalt, komt in een regeling die de last verhoogt in plaats van verlaagt: na zes maandpremies achterstand volgt aanmelding bij het CAK en een bestuursrechtelijke premie die hoger ligt dan de gewone premie. Het stelsel beantwoordt betalingsonmacht daarmee met een opslag. De onderliggende keuze is dat de toegang tot zorg wordt geregeld via individuele betalingen in plaats van via draagkracht, en dat de correctie daarop achteraf en per regeling plaatsvindt in plaats van vooraf in de prijs.
Effecten van de huidige situatie
Effecten van de situatie zonder nieuw beleid, in € miljoen per jaar met 1 decimaal. Negatief is een nadelig effect. Lage impact is de grens die het dichtst bij 0 ligt, hoge impact de grens die het verst van 0 ligt, voor positieve en negatieve effecten. Financiële effecten zijn begrotingsuitgaven, begrotingsinkomsten en gemiste belastinginkomsten; maatschappelijke effecten zijn welvaartseffecten; risico's staan als jaarlijkse bufferpremie, kans maal schade. Overdrachten en andere bedragen die niet in het saldo tellen staan apart en tellen niet mee in het totaal. Onderaan staat het totaal.
| Effect | Lage impact € mln/jaar | Midden € mln/jaar | Hoge impact € mln/jaar | Hoeveelheid | Bron |
|---|---|---|---|---|---|
| Maatschappelijke effecten (welvaart) | |||||
| Financiele kwetsbaarheid en schulden huishoudens (eigen schatting) | -148,9 | -297,8 | -496,3 | 61.315 (30.657 tot 102.192) aantal (personen, objecten, gevallen) peiljaar 2026 | dp:1988 src:2254 |
Maatschappelijke kosten van problematische schulden bij huishoudens met een premieachterstand. Rekenwijze: op 1 oktober 2026 stonden 204.383 verzekeringsplichtigen geregistreerd onder de Regeling betalingsachterstand zorgpremie, met een premieschuld van zes of meer maandpremies (dp:1986, gemeten, voorlopig, src:2254). Aangenomen aandeel met problematische schulden in de zin van het IBO-kengetal: 15 procent laag, 30 procent midden, 50 procent hoog, dus 30.657, 61.315 en 102.192 huishoudens (dp:1988). Waardering met kengetal 2, de vermeden maatschappelijke kosten per voorkomen huishouden met problematische schulden, 4.857,14 euro per huishouden per jaar, afgeleid van het IBO-kengetal met een mitigatiefactor van 40 procent. Uitkomst: 148,9, 297,8 en 496,3 miljoen euro per jaar. Eenheid: miljoen euro per jaar, prijspeil 2026. Status: schatting, betrouwbaarheid laag; het aantal geregistreerden is gemeten, het aandeel met problematische schulden niet. Deze regel betreft uitsluitend premieschuld bij het CAK en overlapt daarmee niet met de schuldenregels in ana:92 en ana:27, die een andere oorzaak en populatie hebben; een kleine overlap tussen die populaties is niet uit te sluiten en is als gat benoemd. | |||||
| Subtotaal maatschappelijke effecten | -148,9 | -297,8 | -496,3 | ||
| Indicatoren (hoeveelheden, tellen niet mee) | |||||
| Bestaanszekerheid (Niet-financieel) (indicator) | geen bedrag | 6 (6 tot 8) Index peiljaar 2025 | dp:1985 src:2253 | ||
Niet-monetair. Aandeel burgers van 18 jaar en ouder dat afzag van ten minste een vorm van zorg vanwege de kosten: 6 procent in 2025, 8 procent in 2024 (dp:1985, src:2253). Het gaat om doktersbezoek, medisch onderzoek, medische behandeling of medicijnen. Status: gemeten zelfrapportage, betrouwbaarheid midden; steekproef van 1.500 panelleden van het Nivel Consumentenpanel Gezondheidszorg, 733 respondenten in 2025, respons 49 procent. Over de reeks sinds 2016 daalt het percentage. De bandbreedte in deze regel is geen onzekerheidsmarge maar het verschil tussen twee opeenvolgende meetjaren; dat is bewust zo gezet omdat een enkel jaar bij deze steekproefomvang een smalle basis is. Deze regel wordt nooit opgeteld bij het welvaartssaldo. | |||||
| Gezondheidsverlies en sterfte (QALY/VOLY) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | geen bron | ||
PM. Gezondheidsverlies en sterfte door uitgestelde of vermeden zorg. Niet gemonetariseerd omdat de stap van afzien van zorg naar verloren levensjaren voor de Nederlandse situatie niet is gekwantificeerd. De prijs per verloren levensjaar is wel beschikbaar, 67.900 tot 151.100 euro volgens kengetal 37 uit het Handboek Milieuprijzen 2023; het ontbrekende getal is het aantal verloren levensjaren. Uitdrukkelijk geen overlap met ana:87, dat gezondheidsverlies door koude woningen behandelt. Benodigde data: koppeling van de Nivel-meting aan zorggebruik en uitkomsten in de CBS-microdata. Wie heeft ze: Nivel, CBS en het RIVM. | |||||
| Zorguitgaven (collectief) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | geen bron | ||
PM. Latere collectieve zorguitgaven doordat uitgestelde zorg duurder terugkomt. Niet gemonetariseerd en uitdrukkelijk niet opgeteld, om dubbeltelling te vermijden met ana:50 over het zorgstelsel en met de gezondheidsregel hierboven. Een schade mag maar op een plek worden geteld. Benodigde data: longitudinale analyse van zorgkosten van mensen die zorg uitstelden ten opzichte van een vergelijkbare groep die dat niet deed. Wie heeft ze: Vektis, Zorginstituut Nederland en het CBS. | |||||
| Overdrachten (herverdeling) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | src:2255 src:2256 | ||
PM, overdracht. Premie, verplicht eigen risico, zorgtoeslag en de bestuursrechtelijke premieopslag zijn geldstromen tussen huishoudens, verzekeraars en Rijk. Zij verlagen het besteedbaar inkomen van huishoudens maar vormen geen welvaartsverlies voor Nederland als geheel en tellen daarom conform de Algemene leidraad voor maatschappelijke kosten-batenanalyse niet mee in het saldo. Omvang per volwassene in 2026: geschatte gemiddelde nominale premie 1.884 euro per jaar en verplicht eigen risico 385 euro, samen 2.269 euro bij volledig gebruik (dp:1987, src:2255, src:2256). Het totaalbedrag van de bestuursrechtelijke premieopslag is niet ingevuld omdat het vastgestelde maandbedrag voor 2026 niet is geverifieerd; dat bedrag wordt jaarlijks in de Staatscourant vastgesteld. Benodigde data: het vastgestelde bedrag van de bestuursrechtelijke premie voor 2026 en de totale opbrengst daarvan. Wie heeft ze: het CAK en het Ministerie van VWS. | |||||
| Begrotingsuitgaven (huidige situatie) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | src:2254 | ||
PM, fiscaal. Uitvoeringskosten van de Regeling betalingsachterstand zorgpremie bij het CAK, bij de zorgverzekeraars en in de keten van incasso en bronheffing, voor een populatie van 204.383 geregistreerden op 1 oktober 2026 (dp:1986, src:2254). Deze kosten zijn reeel maar niet gepubliceerd per regeling en daarom niet ingevuld. Benodigde data: de uitvoeringskosten van de regeling per jaar en per geregistreerde. Wie heeft ze: het CAK en het Ministerie van VWS, via de jaarverantwoording. | |||||
| Gelijkheid in Gezondheidsuitkomsten (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | src:2255 | ||
PM, niet-monetair. Ongelijkheid in gezondheidsuitkomsten doordat de vaste zorglast niet meebeweegt met draagkracht. Het verplicht eigen risico van 385 euro is voor mensen met een chronische aandoening of blijvende medicatiebehoefte geen remprikkel maar een vaste jaarlijkse verhoging van de zorgkosten (src:2255). De gepubliceerde Nivel-berichtgeving bevat geen uitsplitsing naar inkomen, moeite met rondkomen of chronische aandoening, zodat het verschil tussen groepen hier niet kan worden ingevuld. Benodigde data: jaarlijkse publicatie van de uitsplitsing die in de onderliggende Nivel-rapportage al bestaat. Wie heeft ze: het Nivel. | |||||
| Totaal effect huidig beleid | -148,9 | -297,8 | -496,3 | financiële effecten + maatschappelijke effecten + risico's | |
| waarvan eigen schatting: -148,9 / -297,8 / -496,3 € mln per jaar (lage impact / midden / hoge impact) | |||||
Open data: help mee. Zie je een fout, een betere bron of een ontbrekend cijfer in deze analyse? Stel een correctie of aanvulling voor. Voorstellen worden alleen door een mens beoordeeld en doorgevoerd; elke wijziging wordt gelogd.
Correctie of aanvulling voorstellenAnalyse
Afbakening
Dit dossier gaat over de financiele toegankelijkheid van zorg voor huishoudens: premie, eigen risico, betalingsachterstanden en het afzien van zorg om kosten. Het gaat niet over de doelmatigheid van het zorgstelsel als geheel, de marktordening of de administratieve lasten in de zorg. Die staan in ana:50 over gereguleerde marktwerking en het Nationaal ZorgFonds en in ana:3 over minutenregistratie. De collectieve zorguitgaven worden hier niet geteld, om dubbeltelling met ana:50 te vermijden.
Omvang en ontwikkeling
Zorgmijding om financiele redenen daalde van 8 procent in 2024 naar 6 procent in 2025, gemeten in het Nivel Consumentenpanel Gezondheidszorg onder 733 respondenten uit een steekproef van 1.500 panelleden van 18 jaar en ouder, respons 49 procent (src:2253). Over de reeks sinds 2016 is sprake van een daling. Betalingsachterstanden bewegen de andere kant op: het aantal mensen onder de Regeling betalingsachterstand zorgpremie bedroeg op 1 oktober 2026 204.383, een voorlopig cijfer van het CAK (src:2254). Beide reeksen meten verschillende dingen: de Nivel-meting is een zelfrapportage over een jaar, de CAK-registratie is een administratieve stand op een moment. Zij spreken elkaar niet tegen, maar zij mogen ook niet bij elkaar worden opgeteld.
Uitsplitsing naar groepen
De gepubliceerde Nivel-berichtgeving bevat geen uitsplitsing naar inkomen, moeite met rondkomen of chronische ziekte; die staan in de onderliggende rapportage en zijn hier niet overgenomen. Dat is een gat. Wat wel vaststaat is dat het verplicht eigen risico een vaste jaarlast is voor iedereen die het volmaakt, zodat mensen met een chronische aandoening of blijvende medicatiebehoefte het bedrag van 385 euro feitelijk als extra premie betalen. Voor deze groep is het eigen risico geen remprikkel maar een vaste verhoging van de zorgkosten. Een cijfermatige uitsplitsing naar die groep ontbreekt in dit dossier en is als vervolgvraag opgenomen.
Wat wel en niet is gemonetariseerd
Een post is in geld uitgedrukt: de maatschappelijke kosten van problematische schulden bij de groep met een premieachterstand. Daarvoor is het bestaande kengetal 2 gebruikt, de vermeden maatschappelijke kosten per voorkomen huishouden met problematische schulden, afgeleid van het IBO-kengetal met een mitigatiefactor van 40 procent. Omdat niet elke geregistreerde wanbetaler problematische schulden heeft in de zin van dat kengetal, is een expliciete bandbreedte voor het aandeel gebruikt. Niet gemonetariseerd zijn het gezondheidsverlies door uitgestelde zorg, de latere zorguitgaven die daaruit voortvloeien, de uitvoeringskosten van de wanbetalersregeling en de premieopslag zelf. De premieopslag is bovendien een overdracht en hoort per definitie niet in het welvaartssaldo.
Voorkomen van dubbeltelling
Premie, eigen risico en zorgtoeslag zijn geldstromen tussen huishoudens, verzekeraars en Rijk. Zij verlagen het besteedbaar inkomen van huishoudens maar zijn geen welvaartsverlies voor Nederland als geheel; zij staan daarom als overdracht of als PM en tellen niet mee in het saldo. Collectieve zorguitgaven worden hier niet geteld; die horen bij ana:50. Het gezondheidsverlies door koude woningen staat in ana:87 en wordt hier niet herhaald. De schuldenpost in deze analyse betreft uitsluitend premieschuld bij het CAK en overlapt daarmee niet met de schuldenposten in ana:92 en ana:27, die een andere populatie en een andere oorzaak hebben; een kleine overlap tussen die populaties is niet uitgesloten en is als gat benoemd.
Beleidsrichtingen
Stoppen: de bestuursrechtelijke premieopslag beeindigen, omdat die betalingsonmacht beantwoordt met een hogere rekening en daarmee de schuld vergroot in plaats van verkleint. Oorzaken wegnemen: de vaste last per volwassene vervangen door een bijdrage naar draagkracht, zodat de correctie vooraf in de prijs zit in plaats van achteraf in een toeslag met terugvorderingsrisico. Schade herstellen: premieschuld bij het CAK actief saneren en betrokkenen direct terugleiden naar een reguliere verzekering met een betaalbare regeling. Weerbaarheid inbouwen: het eigen risico spreiden over het jaar als standaardinstelling in plaats van als uitzondering, en de uitsplitsing van zorgmijding naar inkomen en chronische aandoening jaarlijks publiceren zodat er een stuurbaar cijfer ontstaat.
Methodische uitgangspunten
Prijspeil 2026, waarnemingsjaar 2026 voor de registratiecijfers en 2025 voor de zorgmijdingsmeting, horizon 30 jaar. Discontovoet 2,8 procent voor jaar 0 tot en met 35 en 1,8 procent daarna, conform de Werkgroep discontovoet 2025, Kamerstuk 29352 nr. 12, geldend vanaf 1 januari 2026. Bedragen in miljoen euro per jaar, kosten negatief.
Betrokken bestuurders
Maatregelen
Herkomst van de bedragen per maatregel
Bronnen bij deze analyse
Datapunten bij deze analyse
- 1988 huishoudens Geschat aantal huishoudens met problematische schulden door premieachterstandbron
- 1986 personen Verzekerden met premieachterstand onder de CAK-regeling, 1 oktober 2026bron
- 1987 euro per persoon per jaar Vaste zorglast per volwassene, 2026bron
- 1985 procent Burgers die afzagen van zorg vanwege de kosten, 2025bron